Gisteren had ik een mooi kennismakingsgesprek.
Toen ik vroeg wat ze het liefst zou willen, waar ze écht naar verlangde, verwees ze naar een van de teksten op mijn website.
‘Kinderlijk enthousiasme.’
En dat snap ik heel goed.
Wij, de grote mensen, zijn vaak zó bezig met volwassen zijn en doen, met serieuze en belangrijke zaken, dat we vergeten dat we deze hele fase ook compleet anders kunnen (en mogen) benaderen.
Met radicale openheid en enthousiasme.
Onze wezenlijke kracht ligt ‘m veel meer in de onbevangenheid van een open geest, en wie vrijer en opgeruimder en blijer wil leven, kan daar niet omheen.
Een meer kinderlijke kijk op het leven betekent niet per se dat je gewoon maar een beetje aanrommelt en geen verantwoordelijkheid neemt.
Dat kan, maar daar gaat het op zich niet om.
Een onbezwaarde, ongefilterde, misschien zelfs naïeve blik opent je wereld, en je opties.
Het zorgt ervoor dat je steeds nieuwsgierig bent, en altijd spannende verhalen maakt.
Het is alsof het leven weer gewoon super welkom is, zoals vroeger, toen elke zomerdag een eindeloze ketting van opwindende mogelijkheden en avonturen was.
De meeste volwassenen die ik ken zouden best weer eens wat vaker uit een klimrek mogen vallen, of gekke gezichten trekken in de tram.
En het hoeft ‘m trouwens niet eens te zitten in dat soort duidelijk gedrag: kind zijn is vooral een kwaliteit van je hart.
Het draait om liefde voor jezelf en alles om je heen, maar dan op een heel vanzelfsprekend manier.
Als je dat weet te verbinden met de kracht van je intellect, wordt de wereld één grote, heerlijke speeltuin.
Maar misschien moeten we dat geheim houden 🙂