We doen allemaal wel ‘ns alsof.
We dragen allemaal wel ‘ns een masker.
En we spelen allemaal wel ‘ns een rol.
Het zijn creatieve manieren van sociale interactie en ze horen er natuurlijk bij, en vaak genoeg maken ze het leven een stuk spannender en interessanter.
Tot zover allemaal prima.
Maar het kan ook uit de hand lopen.
En de vraag is dan of je door de maskers jezelf nog wel ziet.
Als ik naar m’n verleden kijk, zie ik vele jaren van verstoppen, van pleasen, van mezelf totaal anders voordoen dan ik eigenlijk voelde, of wilde.
Het was heel calculerend, vaak nogal afstandelijk, en meestal vrij cynisch.
Waarschijnlijk gaf me dat een veilig gevoel, en ik kan verder zeggen dat ik er best vaak mee scoorde (dus dan blijf je het uiteraard lekker doen).
Toch bleek dat niet vol te houden.
‘Doen alsof’ heeft kennelijk grenzen.
Als ik het vergelijk met hoe ik tegenwoordig in het leven sta, zie ik eigenlijk een totaal en radicaal ander mens.
Veel opener, veel eerlijker, veel directer, zonder dat ik de hele dag overal kritiek op heb (want dat is fucking irritant).
Veel spontaner, veel echter, veel vrolijker, en veel doortastender.
Zorgelozer, ook, en veel, veel minder bezig met hoe ik overkom.
Dat angstige en verstopperige van vroeger is helemaal weg.
Het lijkt wel een wonder, als ik het zo opschrijf.
Maar het kan dus.
Echt.
Ben jij ook klaar met doen alsof?